Fuck Apple.

Ik heb titels bedacht voor het Geldproject-boek en kom er niet uit. Wel uit de richting. Omdat het dus nooit ging over geld, maar over waarde. Wat voor mij ook de essentie is van personal branding. Waar de meeste zzp’ers geen bal van snappen. Of het in elk geval niet toepassen. En daar kan ik een tof boek over schrijven.

Van sommige titels en ondertitels in dit lijstje weet ik dat ze superslecht zijn, maar ik ben iets op het spoor. En van sommige denk ik dat ze sterk zijn, maar weet ik veel. Zolang ik met mezelf blijf brainstormen is het een beetje als een slechte grap willen uitleggen.

Dus: help je me?  Maak me met de grond gelijk. Help me aan een betere. Vertel me bij welke jouw blik even zou blijven hangen. Welke past bij de dingen waarin ik echt wat te melden heb. Ik ben blij met alles. Dankjewel!

Komtiedanhè. In willekeurige volgorde. Met erachter de ondertitels.

[Dit vind ik fokking eng trouwens.]

  1. Waarom je nooit een baan moet zoeken.         Personal branding voor zzp’ers
  2. Waarom je nooit zzp’er moet worden [maar een merk]
  3. Waarom je nooit een bedrijfje moet starten     Personal branding voor zzp’ers
  4. No shit, Sherlock [xx dingen die je oma nog snapt over zzp’en][maar die je niet doet]
  5. Ik hou van mijn vrijheid [en andere bullshit over zzp’en]
  6. Sukkels united [wat je moet weten voordat je gaat zzp’en]
  7. Wat ik leerde van blut zijn.         Personal branding voor zzp’ers
  8. Fuck Apple        Personal branding voor zzp’ers
  9. Doe vooral niet wat ik deed
  10. Lessen van een nogal kneuzige zzp’er
  11. Van sukkel naar merk in xx stappen         Personal branding voor zzp’ers
  12. ….

Thanks!

 

 

 

Wees een cheap ass.

Oké, je weet nu dat je nooit goedkoop mag zijn. Alleen al omdat er dan meer geld binnenkomt. Hoe meer geld je verdient, hoe meer je hebt. En daar gaat het vaak mis. Want hoe meer je hebt, hoe meer je uitgeeft. Dus je mag niet goedkoop zijn, maar je moet wel goedkoop doén. 

Je kunt een fortuin betalen om het op een of ander eiland van Richard Branson te horen en te doen alsof het raketwetenschap is, maar mijn oma had je dit ook kunnen vertellen. Dat geldt trouwens voor het meeste dat ik tijdens het Geldproject heb ontdekt. Maar goed. Eerst waarom het vaak mis gaat als je meer geld verdient. Dat bedrijven vaak kapot gaan aan hun eigen succes heeft overigens te maken met heel andere factoren. En helaas val je waarschijnlijk niet in die groep, want dan had je vast het Geldproject niet gevolgd. Maar voor alle andere vormen van veel geld genereren en niks overhouden gaat het dus wel op: mensen die de loterij winnen en na een jaar weer in de bijstand zitten. Hoe je bij elke promotie aan het eind van je salaris meer maand overhoudt. En waarom je niet rijker wordt als je meer verdient.

De wet van Parkinson

Het is de wet van Parkinson: de vraag naar iets zal zich altijd aanpassen aan de maximale beschikbaarheid ervan. Je krijgt een salarisverhoging en je levensstandaard neemt automatisch toe. Of je hebt een heel goed betaalde opdracht afgerond en er staat ineens een bak geld op je rekening. Dan neig je te gaan leven naar wat je hebt. Alleen al omdat je er zo hard voor gewerkt hebt en je vindt dat je het verdient. Bovendien: naarmate je meer geld hebt, neemt je perceptie van de waarde van geld af en neemt die van tijd toe. Dus ga je je geld uitgeven aan vrije tijd. Daarnaast gaat het dus vanzelf. Hoe meer je hebt, hoe meer er opgaat. Mijn oma gaf me ook nooit een zak chips, maar altijd een bakje. Als je chips in een bakje doet, eet je er minder van dan wanneer je rechtstreeks uit de zak eet. Meer geld gaat net zo snel op als minder geld. En misschien nog wel sneller, want in je hoofd zit het idee dat er veel meer van is, dus dat een extra uitgave niet zoveel effect heeft op het geheel.

De ratrace

Wat op meerdere vlakken riskant is. Zo loop je namelijk kans te belanden in een ratrace: Hoe meer je verdient, hoe meer je levensstijl omhoog gaat, hoe meer je moet verdienen om je levensstijl te kunnen bekostigen. En onderaan de streep hou je nooit meer over. Niet meer geld, niet meer tijd, niet meer geluk. Alleen maar meer stress. In loondienst betekent het dat dit je leven is tot aan je pensioen, als dat er tegen die tijd nog is. En als zzp’er dat je nooit vrij zult zijn. Niet in tijd, niet in geld en niet in je hoofd. Dus moet je twee dingen doen: meer geld verdienen. En meer geld overhouden.

Duh

Dit gaat over meer geld overhouden. En dat is het allersimpelste en tegelijkertijd een van de belangrijkste dingen die ik heb geleerd van het Geldproject. [En had kunnen leren van mijn oma.]

Dan nu de rocket science voor hoe je meer geld overhoudt: minder uitgeven. Duh. Jonguh, het zal je verbázen waar je allemaal op kunt besparen. Hoe ik dat privé doe, lees je een volgende keer. Hoe ik het zakelijk doe: zelfbescherming en heropvoeding.

De zelfbescherming

Eerst zorg ik dat ik niet bij mijn geld kan. Supersimpel. Ik splits mijn inkomen elke maand zodra het binnenkomt. Het enige waar ik dan direct bij kan, is mijn zakelijke rekening courant voor zakelijke betalingen. Die doe ik in principe elke maandag. Zodra er geld binnenkomt, maak ik delen over naar andere rekeningen, zodat ik het niet kan uitgeven. Ik maak ook elke maand een salaris over naar mijn privé rekening courant, wat ik ook weer doorsplits naar verschillende rekeningen waar ik niet meteen bij kan. Dus als ik mijn saldo check, zie ik alleen dat wat ik van mezelf die maand mag uitgeven. En het mooie is: het wordt zowel privé als zakelijk steeds meer een sport om dat niet te doen.

De heropvoeding

De heropvoeding gaat dus voor een deel vanzelf en voor een deel is het bewustwording. Het is wat ik veel succesvolle ondernemers ook zie doen, maar dan noemen ze het “ondernemen alsof het een start-up is”. Cheap ass dus. Doen alsof je blut bent. Niet zomaar geld uitgeven. Je bij elke euro die je wilt uitgeven afvragen of die rendabel is. Geen abonnementen op vakbladen, je eigen boterhammen meenemen, niet te vaak bij leuke koffietentjes werken, op de fiets naar kantoor, geen boeken bestellen maar naar de bibliotheek. En vooral niet zomaar met iedereen koffie gaan drinken. Maar da’s niet eens zozeer om de koffie, maar omdat het meestal geen fuck oplevert en je gewoon gratis je kennis aan het weggeven bent onder het mom van “even bijpraten”. Wat op zich niet verkeerd is, als je er maar even over nadenkt. En dat geldt voor alles. Ik kan je pagina’s voorbeelden geven van dingen waar je zakelijk op kunt besparen, maar denk gewoon even na. Vraag je af: Wat levert het op en wat kost het? Is dit nodig? Is dit NU nodig? Kan ik het op een andere manier oplossen? En uiteindelijk, leerde ik van Bart van der Meij, zijn er maar 2 dingen die je als ondernemer niet weg moet bezuinigen: je auto en je telefoon. En zelfs die kunnen cheap ass, oud en lelijk zijn. Al het andere, daar kun je zonder. Ik weet uit ervaring hoe fijn dat is en ik hou het zo veel mogelijk vast, of er nu veel of weinig geld binnenkomt.

De samenvatting

Dus: of je nu onderneemt in start-up stijl of gewoon naar je oma luistert, het komt neer op twee dingen:

  1. zorg dat je niet bij je geld kunt
  2. hoeveel je ook verdient, gedraag je alsof je blut bent

Het werkt echt. En wat die rekeningen betreft, ik bleek een simpele versie toe te passen van de Profit First methode van Mike Michalowicz. Het boek is een aanrader. En financieel expert Femke Hogema, van wie ik ook veel leerde, bracht het naar Nederland. En schreef “Financiën voor zzp’ers”. Ook een aanrader. Mijn interview met haar komt eraan. Dus stay tuned.

===================================================================

Meer weten over het Geldproject of het boek bestellen? Leuk! Je vindt alles hier.

 

Laat je afwijzen.

Laat je afwijzen. Veel en vaak. En wees er blij mee. Het betekent namelijk niet zoveel. Alleen dat zien we niet, want niemand wil afgewezen worden. Het doet pijn. Maar die pijn zit alleen in je ego. Dat staart zich blind op de ‘nee’ van de ander en geeft daar betekenis aan. Maar nooit de betekenis die het werkelijk heeft. Een afwijzing wijst namelijk nooit jou persoonlijk af. En al is het wel persoonlijk, dan nog is het geen probleem. Het heeft namelijk een functie.

J.K. Rowling werd door 12 uitgeverijen afgewezen voordat Bloomsbury iets in Harry Potter zag. Stephen King kreeg 30 afwijzingen voor “Carrie”. Walt Disney werd als cartoonist ontslagen omdat hij geen verbeeldingskracht zou hebben. De Beatles werden afgewezen omdat gitaarmuziek uit zou zijn. De leraren van Albert Einstein dachten dat hij dom was. Oprah Winfrey werd ongeschikt geacht voor televisie. Steven Spielberg werd drie keer afgewezen door de filmacademie. En Vincent van Gogh maakte 800 schilderijen, maar verkocht er maar één. Aan een vriend.

Dus. Afwijzing betekent niet dat je niet goed genoeg bent. Maar die betekenis geven we er wel aan. We stemmen zelfs ons gedrag erop af. We willen niet het gevoel hebben dat we niet goed genoeg zijn, dus doen we er alles aan om niet afgewezen te worden, dus zijn we gefocust op wie we moeten zijn of wat we moeten doen om niet afgewezen te worden door de ander, waarbij we vergeten ons af te vragen of dat wat we elkaar te bieden hebben wel waardevol is.

De hele tijd liegen

Dat gedrag zie je dus terug in offertetrajecten en tariefonderhandelingen, zoals ik beschreef in “Verhoog je tarief. Nu.” Ik heb maar een paar keer meegemaakt dat ik een opdracht niet kreeg. Maar als het gebeurde, deed het vroeger altijd pijn. Ik was niet goed genoeg. Dacht ik. Wat ik voor het gemak vergat, waren de keren dat ik een opdracht wel kreeg, maar hem achteraf niet had moeten krijgen. Die geven altijd ellende namelijk. Van die projecten waar je ergens bij voorbaat al iets voelt knagen. Waar je ineens verantwoordelijk gehouden wordt voor dingen die niks met je opdracht te maken hadden. Dat je keihard tegen je eigen waarden aanloopt. Dat is allemaal veel erger namelijk, want dan is er geen match, maar moet je blijven negeren dat je dat doorhebt. Dan moet je de hele tijd liegen. Tegen jezelf.

De ellende is dat het is hoe onze maatschappij werkt. Neem solliciteren. Sommige mensen zijn heel goed in solliciteren. Ik bijvoorbeeld. Ik heb wel eens opgeschept dat ik elke baan kan krijgen die ik wil*. Dat is niet omdat ik overal geschikt voor ben, maar omdat ik toevallig goed ben in solliciteren. Ik kan de ander goed lezen, voel aan waar de ander naar op zoek is en kan dat op dat moment zijn. Maar je hebt er geen ruk aan. Want stel, je krijgt die baan. Woohoo. Je hebt gewonnen. En vanaf dat moment moet je elke dag doen alsof je dat echt bent. Dan moet je iemand zijn die je niet wilt zijn, in een omgeving die niet past, in een baan die je niet wilt. Nu je terugkijkt wilde je eigenlijk alleen maar dat ze jou zouden kiezen. Dat je niet afgewezen zou worden.

De sitcom versie van jezelf

Met daten doe je het ook. Iedereen is bij de eerste date zeg maar de sitcom versie van zichzelf. De leukste variant. De versie die altijd blij is, onthaard, geen scheten laat in bed, wel houdt van ochtendseks en die alles leuk vindt wat de ander zegt. Terwijl jij de ideale versie van jezelf aan het uithangen bent, vraag je je de hele tijd maar één ding af: “Vindt hij/zij me wel leuk?” En daar stem je dan al je gedrag op af. Zodat je niet afgewezen wordt.

Zo stom is dat. Want vraag je eerst eens af of jij de ander leuk vindt. Ja? Dan is het fijn als het wederzijds is. Vind jij de ander leuk maar is het niet wederzijds? Dan heb je er niet zoveel aan. Net als andersom: als de ander jou wil maar jij de ander niet, dan wordt er ook niemand blij van. Afwijzing heeft dus een functie: het laat zien dat er geen match is. De Beatles kunnen nog zo briljant zijn, maar de platenmaatschappij die vond dat gitaarmuziek over was, had ze zelfs met een “ja” niet verder kunnen brengen.

Dus probeer niet ergens in te passen, maar vind iets dat past. Of het nu gaat om daten, solliciteren of ondernemen. Doe niet alles om afwijzing te voorkomen. Doe niet alles om een “ja” te horen. Ga op zoek naar de match. Als die er is, hoef je er veel minder hard voor te werken. En levert het voor iedereen meer op.

 

*Nee, ik wil geen raketgeleerde of neurochirurg worden. Wat ik het liefst wil is toevallig ook wat me van nature goed afgaat en wat ik leuk vind, maar daarover later meer.

 

DE TIPS

  • Weet wat voor jou belangrijk is. Blijf daar trouw aan. Als je dat goed doet, selecteer jij je opdrachtgevers, niet andersom. [Daarover de volgende keer meer.]
  • Jij kunt ook nee zeggen. Wees dan niet bang om de ander af te wijzen. Als je denkt dat je niet de beste persoon bent voor de opdracht, heb dan de ballen om dat te zeggen. Ik beloof je dat er dan vanzelf beter passende opdrachten op je pad komen. [Tenzij je het alleen zegt omdat je je eigen waarde niet ziet. Of omdat je geen zin hebt ofzo. Dan heb je een heel ander probleem.]
  • Als je een opdracht krijg, vraag waarom ze voor jou gekozen hebben. En als je hem niet krijgt, vraag het ook. Was er eigenlijk een match, maar heb je iets gemist? Dan doe je het een volgende keer beter. Was er geen match maar wil je die wel? Wat moet je dan weten, leren of ontwikkelen om die er de volgende keer wel te laten zijn? Was er geen match en wil je die ook niet? Verbeter dan je communicatie over wie je bent en wat je doet en wees je ervan bewust voor wie je het liefst zou willen werken. Dan word je een volgende keer benaderd voor dingen die beter passen.
  • Kiezen ze niet voor jou omdat je te duur bent? Dan is wat jij doet niet belangrijk of relevant genoeg voor ze. Of bied je niet genoeg toegevoegde waarde. Zorg dat wat je oplevert meer waard is dan wat je vraagt. En als je dat al doet, zorg dan dat de ander dat ook ziet. [Ik denk dat hier nog wel vaker wat over ga zeggen.]

Follow the money.

De makkelijkste manier om te krijgen wat je waard bent, is door het te vragen van mensen die het kunnen betalen. Want dan hoef je alleen nog maar te laten zien dat je het waard bent. Het valt me op dat veel zzp’ers zich niet of nauwelijks afvragen waar het geld zit. Ik denk dat dat komt doordat geld voor de meesten totaal geen drijfveer is. Omdat ze vooral iets willen betekenen, gewoon niet voor een baas willen werken, zelfstandig verder de enige optie leek in een periode van laagconjunctuur of omdat ze gewoon willen doen wat ze het leukst vinden. Desnoods allemaal voor minder geld. Dat je veel minder hard en veel hoeft te werken door gewoon meer per uur of per project te vragen, heb ik al een paar keer benoemd. Hoe belangrijk het is je doelgroep en einddoel bewust te kiezen nog niet.

Scenario 1: Je wilt veel geld verdienen.

Als je veel wilt verdienen is het vrij simpel. Ga daar waar het geld is en doe dat wat het meest oplevert. Doe dat waar je goed in bent en onderzoek wie daar het meest voor wil betalen. Maak dat schaalbaar. Je wordt een bedrijf. Je hoeft het niet leuk te vinden wat je doet, maar je moet het heel goed doen. En je moet natuurlijk kansen zien, retecommercieel zijn en waarschijnlijk lang en keihard willen werken.

Scenario 2: Je wilt goed verdienen met dat wat je het liefst wilt doen

Dit is al iets lastiger. Vind de doelgroep die goed voor je gaat betalen binnen de doelgroep waarvoor je wilt werken. Doe dat waar je goed in bent en wat je leuk vindt om te doen. Klinkt als een open deur, maar er zijn een heleboel zzp’ers die zich niet afvragen of ze eigenlijk wel goed genoeg zijn in dat wat ze zo leuk vinden. Dan gaan ze het dus niet redden. Andersom is nog veel treuriger: mensen die goed zijn in iets wat ze helemaal niet leuk vinden. Doe dat niet, tenzij je alleen maar veel geld wilt verdienen natuurlijk. Ze zeggen wel eens: “Never become too good at something you hate, or they will make you do it for the rest of your life.” Vooral als je er goed voor betaald wordt of als het je een gevoel van zekerheid verschaft. Maar daarover nog 32 andere blogs.

Dus binnen dat wat je graag wilt doen is het slim om te bepalen wat het is dat jij beter kunt dan wie dan ook. Wees onderscheidend. Zet je unieke talenten in. Want daar betalen bedrijven goed voor. Doe je iets wat bedrijven door wie je ingehuurd wilt worden zelf ook wel kunnen, dan huren ze je niet in. Doe je iets wat allemaal andere zzp’ers ook kunnen, dan is de kans groot dat de goedkoopste ingehuurd wordt. Want de meesten zijn financieel totaal niet intelligent en prijzen zichzelf –en daarmee jou ook- vol overgave de markt uit. Kijk maar eens op sites waar freelance klussen aangeboden worden. Daar stikt het van de zzp’ers die zichzelf niks waard vinden, in de race om een slecht betalende klus bij een klootzak-opdrachtgever. Dus wees onderscheidend of zoek een baan. Daar komt het op neer. Ben je onderscheidend genoeg, dan kun je gaan bepalen voor wie je wilt werken. Communiceer dat ook. Op je site, in gesprekken, in je LinkedIn summary, overal. Wees duidelijk in voor wie je wat het liefst wilt doen. Dan trek je dat aan. Niet alleen in een boomknuffelige spirituele betekenis in de lijn van de Wet van de Aantrekkingskracht, maar ook gewoon omdat je zegt wat je wilt en mensen die dat bieden dat kunnen zien en erop kunnen reageren. Check wel even of daar ook geld zit. Want het zou jammer zijn als je goed wilt verdienen, maar per ongeluk kiest voor een sector waar geen geld zit. Of, waarschijnlijker, waar je geen toegang hebt tot het geld dat er zit, door strijkstokken, bonusregelingen, etc.

Scenario 3: Je wilt werken voor een groep waar geen geld zit

Klinkt als iets wat je niet moet willen en wat ik je, als chef Geldproject, meteen zou afraden. Maar ik wil zelf in wezen ook werken voor een groep waar geen geld zit. Ik wil succesvol zijn in het bedrijfsleven, maar het liefst studenten, scholieren en pas afgestudeerden beschermen tegen een leven dat ze zelf niet willen. Dus ik help ze te ontdekken wie ze zijn, waar ze voor staan, waar ze voor gaan, wat ze nodig hebben en al in huis hebben om daar te komen en of ze dat wat ervoor nodig is, ervoor over hebben. Daar gaan ze niet voor betalen, want ze hebben het niet of hebben het er niet voor over. Zou ik ook niet hebben gehad op die leeftijd, want nu pas weet ik hoe waardevol het is. Dus wat doe je als je, heel klef uitgedrukt, niet het geld wilt volgen, maar je hart?

  • Optie 1: Follow the money. Wie kan er betalen voor jouw doelgroep? Wie heeft er belang bij dat jij je inzet voor deze groep? Overkoepelende organisaties? Overheden? Subsidieverstrekkers? Fondsen? Er is geld zat. Je moet alleen ontdekken waar.
  • Optie 2: Zoek partners voor het reduceren van je kosten. Sheltersuit bijvoorbeeld maakt slaapzakjassen voor daklozen, vluchtelingen en mensen in rampgebieden. Hun materialen worden voor een groot deel gesponsord door grote commerciële partijen die de slaapzakken, voering etc. leveren. Daarnaast krijgen ze veel voor elkaar bij partijen die geloven in hun missie. Als je dat hebt, gaat het nog veel makkelijker natuurlijk. Maar die missie moet wel echt zijn. En Sheltersuit zou het honderd keer makkelijker hebben als ze hun slaapzakjassen zouden verkopen op plekken waar wel geld zit natuurlijk. Maar dat past weer niet zo in hun missie. Dus is het hard werken voor ze om hun kosten blijvend te reduceren.
  • Optie 3: Wil je graag individuen helpen? Die niet bepaald in het topsegment zitten? Ik zou beide afraden, want het is fucking lastig en kost zoooooveel tijd vergeleken met het bedrijfsleven, maar wie ben ik om iets te vinden van wat jij wilt? Dan wordt het een kwestie van je groep zo groot mogelijk maken. Volume draaien. Dat is het makkelijkst online, want dan ben je schaalbaar. Je kunt beter iets één keer doen voor 10.000 man dan 10.000 keer voor steeds één persoon, nietwaar? Het nadeel is dan wel dat je in een totaal ander vakgebied komt. Doe je dan nog wat je wilde? Waarschijnlijk moet je een lange adem hebben. Maar het kan.
  • Optie 4: Zorg dat je nog een doelgroep hebt, die het mogelijk maakt dat je het je kunt veroorloven om te werken voor de doelgroep waar te weinig geld zit. Doordat ik in het bedrijfsleven daar werk waar het geld zit en daar krijg wat de dingen die ik doe waard zijn, kan ik een aangepast tarief hanteren in het onderwijs. [Wat overigens wel een stuk hoger ligt dan eerst, omdat ik echt veel te veel gratis of voor te weinig deed.]
  • Optie 5: Als al die opties niet werken, zoek dan gewoon een baan of een voor je bedrijfsactiviteiten betere doelgroep. En dan kun je in je vrije tijd altijd nog vrijwilligerswerk doen of gewoon lief zijn voor je medemens. Of je kunt accepteren dat wat je doet misschien een slecht betaalde veredelde hobby is, maar mooi wel iets waar jij en anderen heel gelukkig van worden. Maar zo lang er nog geen Basisinkomen is, kan dat dan weer alleen als je geen kostwinner bent of als je al geld genoeg had.

 

 

Onderhandel NOOIT.

In “Verhoog je tarief. NU.”, schreef ik over vragen wat je waard bent. Dat zou je kunnen lezen als durven onderhandelen over je tarief. Maar ik onderhandel nooit. En ik vind dat jij dat ook niet moet doen*. Simpelweg omdat ik ervan uitga dat je het tarief dat je vraagt waard bent. En als je daarover in onderhandeling gaat, zeg je eigenlijk dat je vindt van niet. Maar vooral vind ik mezelf fucking ongeloofwaardig als ik een tarief noem waar ineens wat van af blijkt te kunnen als de ander daarom vraagt. Ik geef direct de beste prijs. Wil je minder betalen, dan kan dat. Maar dan krijg je ook minder. Niet in kwaliteit, want ook dat is niet onderhandelbaar. Maar wel in tijd bijvoorbeeld. Als ik minder hoef te doen in de voorbereiding, omdat mijn opdrachtgever dat deels voor zijn of haar rekening neemt, dan kost ik ook minder. Als ik in plaats van een RTL Late Night setting met 6 tafelgasten alleen een directeur interview, kost ik minder. Als ik geen training op maat voor je ontwikkel, maar iets wat ik al bedacht had kan tweaken, kost ik minder. Maar wil je complex of maatwerk, dan betaal je daarvoor.

Eerder deed ik dat niet. Vooral bij personal branding en internal branding niet. Dat wilde ik zó graag doen, dat ik het ook wel voor minder wilde. En ik voor een paar honderd euro zomaar twee dagen aan het ontwikkelen was, omdat ik het zo goed wilde doen. Dat wil ik nog steeds. En ik lever nog steeds meer dan van me gevraagd wordt. Bovendien kijk ik op het moment zelf waar de behoefte ligt, dus kan het zomaar zijn dat ik dan beslis dat er iets heel anders nodig is dan ik van tevoren bedacht had. Om dat te kunnen investeer ik buiten de uren die ik factureer voor een opdracht heel veel tijd in mezelf blijven ontwikkelen. Elke dag. Eigenlijk zou je al die uren moeten meerekenen in je tarief. Dat doe ik niet. Maar het tarief dat er is, daar betaal je voor.

Nee zeggen, al wil je ja zeggen

Ik snap dat dat soms lastig is. Voor jou, om het te vragen en voet bij stuk te houden. En voor je potentiële opdrachtgevers. Er zijn er een heleboel vol goede bedoelingen, die gewoon echt weinig of geen budget hebben. Maar dan moet je hard zijn. Want werken voor weinig kost jou uiteindelijk teveel. Is het niet in geld, dan wel in tijd. Want je moet dan heel veel klussen doen om een gezond inkomen bij elkaar te werken. Hebben ze het niet, dan kun jij het je niet veroorloven. Hebben ze het wel, maar willen ze het je niet betalen, dan moet je het niet willen. Ik kan je overigens uit ervaring vertellen dat, als je eenmaal begint met de gevraagde korting geven, ze het waarschijnlijk zullen blijven proberen. Laatst nog heb ik bedankt voor een van de leukste terugkerende klussen die ik ooit heb gehad. Toen ik begon, gaf ik ze een korting omdat ik zo graag wilde. Toen ze me opnieuw vroegen, wilden ze opnieuw korting omdat het financieel zo moeilijk was, maar ze me wel heel graag wilden. Dus gaf ik een staffelkorting. Op zich slim, omdat je er continuïteit voor terugkrijgt, maar niet slim omdat het korting op korting was. Toen die klussen afgerond waren kwamen ze weer bij me terug. Met de vraag of ze de staffelprijs voor één keer mochten. Omdat ze weinig budget hadden en soms ook iemand anders wilden kunnen inhuren. Toen heb ik bedankt. Want al vind ik het onwijs jammer dat ik die klus niet meer heb, ik heb geleerd van Het Geldproject.

Klootzakken

En ik hoop dat jij niet de fouten maakt die ik maakte. Alleen al omdat die potentiële opdrachtgevers soms gewoon klootzakken zijn. Die je proberen te paaien met kreten als: “Ik heb geen budget, maar het is heel goed voor je netwerk.” [Als iéts niet goed is voor je netwerk, is het werken voor niks. Of het risico dat ze horen dat je werkt voor niks.] Of met “We hebben nu geen geld, maar als wij groeien, groei jij met ons mee.” Of –en dat zijn er best veel- die doen alsof het voor jou een fluitje van een cent is, omdat het je vak is, je talent, je het al zo lang doet, het je weinig tijd kost, etc. Ik werd bijvoorbeeld ooit gevraagd voor een klus voor weinig tot geen geld en toen ik bedankte zei hij: “Joh, je hoeft bijna niks te doen. Gewoon iets ludieks, voor een paar uurtjes. Dat schud jij zo uit je mouw.” Trap er niet in. Als het je vak en/of je talent is, is wat jij kunt waarschijnlijk iets wat de ander niet kan. Dus is het geld waard. Als je het al zo lang doet of als het je weinig tijd kost, heb je er waarschijnlijk veel tijd en energie in geïnvesteerd om dat mogelijk te maken. Vooral als je iets kunt waarin je onderscheidend bent. Sterker nog: eigenlijk zou je dan helemaal geen uurtarief moeten vragen, maar een prijs voor het totale project, wat dat project ook is.

Picasso

Heb ik geleerd van Pablo Picasso. Over hem gaat een verhaal dat hij eens in een café zat te schetsen. Een vrouw herkende hem en vroeg of hij haar portret wilde tekenen. Hij ging akkoord. Hij bestudeerde haar gezicht even en vervolgens creëerde hij haar portret met één simpele potloodstreek. Hij gaf de vrouw haar portret. Ze riep uit: “Het is perfect! Dank u wel! Hoeveel krijgt u van me?” Picasso zei: “Vijfduizend dollar.” De vrouw zei geschrokken: “Wát? Hoe kunt u daar zoveel geld voor vragen? Het kostte u maar een seconde om het te maken!” Waarop Picasso zei: “Mevrouw, het kostte me mijn hele leven.”

De tips:

  • Werk je op projectbasis en is duidelijk wat het eindresultaat zou moeten zijn en wat daarvoor nodig is? Dan kun je een projectprijs afspreken. Ik maak dan wel vooraf altijd duidelijke afspraken over eventueel meer- of minderwerk. Mocht de opdrachtgever tussentijds meer vragen dan afgesproken, dan offreer ik het meerwerk op dat moment apart.
  • Is vooraf onduidelijk hoe het project eruit gaat zien of wanneer het af is, dan kun je beter een dag- of uurtarief afspreken. Zorg wel dat je helder hebt wat jullie van elkaar verwachten en welk eindresultaat jullie willen bereiken.
  • Vind je het lastig je uurtarief te bepalen? Bepaal eerst hoeveel inkomen je nodig hebt. Of hoeveel inkomen je zou willen hebben. Wat zijn je bedrijfskosten? Hoeveel werkbare dagen verwacht je per jaar? Hoeveel uur per week werk je? Hoeveel daarvan zijn er productief? En hoeveel facturabel? Dan de lastige, confronterende dingen: reken een buffer mee, die je waarschijnlijk net als de meeste zzp’ers niet hebt. Dus die moet je maandelijks gaan opbouwen. Hoe ga je pensioen opbouwen? Hoe ga je om met arbeidsongeschiktheid? [Op de lastige dingen kom ik later terug.] Online kun je een heleboel sites vinden met een tariefcalculator, waar je simpelweg al deze gegevens kunt invoeren. Maar dan nog! Denk goed na over wat je waard bent. Want al je kennis, ervaring, talent en onderscheidend vermogen zijn niet in een calculator te vangen.

* Ik doe ook maar wat. Dit is puur mijn eigen ervaring. Voel je vooral vrij om daar enorm schijt aan te hebben. 

Verhoog je tarief. NU.

De belangrijkste vorm van vermogen die je in het leven hebt is tijd. Het is het enige wat je, als je het hebt gebruikt, nooit meer terug kunt krijgen. Hoe bewust ben je van de waarde van de tijd die je hebt? Hoe vaak geef je het weg? Als je net als ik het werk doet wat je het allerliefst zou willen doen, is de kans groot dat je veel te veel weggeeft. In kennis, vaardigheden, geld of tijd. Wat ik doe, zou ik ook doen als ik er niet voor betaald zou worden. En daar zit het probleem. Ik wil gewoon het liefst anderen helpen. In mijn brein ging dat nooit samen met veel geld vragen. En dan is er natuurlijk ook nog de overtuiging “Ik ben het niet waard”.

Suze Orman schrijft in Vrouwen en geld: “Als je onderwaardeert wat je doet, onderwaardeert de wereld wie je bent. En als je onderwaardeert wie je bent, onderwaardeert de wereld wat je doet.” Het lullige is, als je weinig vraagt voor wat je doet, denken mensen dat het niet veel waard is. En zullen ze je ook als zodanig behandelen. Als je jezelf hoger waardeert, zullen anderen dat ook doen. Maar dat zal wel moeten blijken uit je gedrag. Dus ben je zzp’er? VERHOOG JE TARIEF. Nu1. De enige klanten die je zult verliezen, zijn degenen die met je werken omdat je zo lekker goedkoop bent. Maar dat verlies compenseer je makkelijk door je hogere tarief. En met beter betaald worden zal je zelfvertrouwen groeien. Wat weer extra uitstraalt dat je dat tarief waard bent.

Tijd is meer geld waard dan geld

Het toffe hieraan is bovendien dat je meer verdient in minder tijd. En tijd is meer geld waard dan geld, toch? Dubbel winst. Trouwens, klanten die bereid zijn meer te betalen zijn in mijn ervaring ook leukere klanten. Dus leukere opdrachten. Dus wordt je werk leuker. En je bent meestal automatisch beter in de dingen die je het leukst vindt. En je hebt per klant nu ook meer tijd, want je hoeft niet meer zoveel uren te verkopen voor hetzelfde geld. Je dienstverlening wordt dus meteen ook daadwerkelijk meer geld waard.

3 x zoveel vragen

Toen ik in 2006 begon als copywriter zonder aantoonbare opleiding of ervaring als copywriter, deed ik wat desk research naar tarieven. Een junior copywriter, wat ik in het beste geval feitelijk zou zijn, kwam niet hoger dan €35,- per uur. Een senior zat rond de €65,-. Ik realiseerde me dat ik wel op €35,- kon gaan zitten, maar dat ik dat met geen mogelijkheid omhoog zou kunnen krijgen, behalve misschien als een paar procent inflatiecorrectie. Dus zonder enige ervaring maar met een onwaarschijnlijk groot vertrouwen in mijn eigen talent besloot ik direct €65,- per uur te vragen. Voor de zekerheid vermeldde ik op mijn offertes wel dat ik de afspraak voor de briefing niet factureerde en dat het inclusief een correctieronde was. Er kwamen zelden correcties. Naarmate ik meer ervaring opdeed ging ik gewoon aan nieuwe opdrachtgevers €75,- per uur vragen. Automatisch werden mijn opdrachtgevers grotere organisaties die niet alleen meer budget hadden, maar ook vaker terugkerende opdrachten en grotere klussen. Na een paar jaar was ik verschoven van copywriter naar strateeg naar merkenbouwer en zat mijn tarief op €110,- per uur. Al waren de projecten inmiddels vaak van dermate grote omvang dat er helemaal niet meer gesproken werd over uurtarieven. Ik vroeg een fixed price bedrag voor het hele project. En wat ik vroeg was ik waard, daar werd niet aan getwijfeld, ook niet door mezelf. [Wel werd een keer een offerte geweigerd omdat hij te laag was, terwijl ik hem met schaamrood op mijn kaken had verstuurd in de veronderstelling dat ik veel te veel had gevraagd. De reactie was: “Je moet drie keer zoveel vragen, anders nemen ze je niet serieus”. Serieus.] Voor branding en later voor klussen als dagvoorzitter, interviewer of presentator vond ik het makkelijk relatief hoge tarieven te vragen. En toen ontdekte ik mijn purpose. Personal branding, met name voor studenten en pas afgestudeerden. Ineens ging ik van alles gratis doen. Wat eigenlijk raar is. Dat ene waarin wat ik belangrijk vind, mijn talenten en vaardigheden en kennis en ervaring, wat ik het allerliefst doe en waarin ik daadwerkelijk een verschil kan maken, samenkomen. Daarin schatte ik mezelf niet op waarde. Zorgde ik ervoor dat ik niet genoeg kon groeien. En dat zorgde er voor een groot deel voor dat ik belandde op het punt waar ik het Geldproject startte. Omdat ik nog maar nul euro had. Hoe bizar dat ik voor dingen waar ik op mijn sterfbed niet meer aan zal denken de waarde ervan vraag. En dat ik aan dat wat ik in het leven wil achterlaten en waarin ik me het meest kan onderscheiden geen waarde toeken. Niet in financiële zin althans. En daarmee in de perceptie van mijn afnemers in geen enkele zin. Want het idee is: “if you pay peanuts, you get monkeys”.

Nu heb ik een balans gevonden. Ik vraag wat ik waard ben. En zo lang ik blijf groeien in wat ik doe -en daar investeer ik actief en onophoudelijk in- ben ik ook steeds meer waard. Heeft de ander dat er niet voor over of word ik gevraagd voor iets waarbij ik denk dat ik niet genoeg waarde kan toevoegen, dan doe ik het niet [maar daarover later meer]. En omdat mijn missie in het onderwijs ligt, vraag ik daar minder. Wat ik me nu dus kan veroorloven.

De tips:

  • Schat jezelf op waarde. Verhoog je tarief. Minstens met tien procent, maar waarschijnlijk met veel meer.
  • Weet wat je diensten waard zijn. Weet wat ze opleveren.
  • Weet wat jij waard bent. Durf dat te vragen. [Als de ander vervolgens stil is, houd je bek. De ander gaat vanzelf weer praten. Als ze zeggen dat dat wel duur is, zeg ze dan dat wat je levert ook veel waard is. Leg desgewenst uit wat jou inhuren gaat opleveren. Is dat het ze niet waard, dan is dat oké. Trek je dan terug. [Volgende keer meer over de kracht van afwijzing].

1 [Ja, ik garandeer je dat je nu te weinig vraagt. En dat je geen idee hebt hoe weinig je daarvan onderaan de streep overhoudt. Maar daarover later meer.]

 

De bullshit van alleen maar leuke dingen doen.

Sommige overtuigingen zijn waar en helpen je. “Ik kan zonder zijwieltjes fietsen”. Sommige overtuigingen zijn niet waar en helpen je. “De lengte doet er niet toe”. Sommige overtuigingen zijn niet waar en helpen je niet. “Ik ben lelijk”. Bij sommige overtuigingen maakt het niet uit of ze waar zijn of niet, want ze helpen je sowieso niet. “Ik heb een dikke reet in deze broek”. [Vind ik trouwens best een arrogante. Alsof iedereen bezig is met jouw broek. Terwijl we allemaal weten dat we daarvoor allemaal veel te druk zijn met onze eigen kont in onze eigen broek.] Wat je gelooft bepaalt wat je ziet. Dat geldt ook voor geld en de rol die het speelt in je leven. Je relatie mét geld begint met je overtuigingen óver geld.

Ik bleek zelf nogal wat overtuigingen te hebben, ontdekte ik aan het begin van het Geldproject. “Geld is niet belangrijk” was een belangrijke. Nu ik het zie staan vind ik het nog steeds, al weet ik dat het niet waar is. Want ik wil veel kunnen geven. En hoe minder je hebt, hoe minder je kunt geven. Bovendien: als je me zou vragen wat ik zou doen met een paar miljoen, noem ik de dingen die ik het allerliefst zou willen en waar mijn prioriteiten liggen: meer tijd met mijn dierbaren, meer aandacht voor mijn gezondheid, meer investeren in opleidingen en trainingen, het onderwijs veranderen, mensen helpen die het nodig hebben. Ik zou meer gemoedsrust hebben, meer van de wereld kunnen zien, meer betekenisvolle projecten kunnen doen, creatiever kunnen zijn, meer buiten kunnen zijn, etc. Alles wat ik belangrijk vind en graag zou willen is dus uiteindelijk te koop. Niet dat het alleen lukt met veel geld, maar hoe meer geld ik heb, hoe makkelijker de belangrijke dingen te vervullen zijn. Bovendien: geld is niet schaars. Geld is gewoon energie. Dat gaat van de ene plek naar de andere en gaat niet weg. Maar als ik vind dat het niet naar mij moet, komt het niet naar mij. En zo wel, dan zorg ik er wel voor dat het niet bij mij blijft. Dus geld is niet schaars. Tijd daarentegen wel. En als je daar niet zorgvuldig mee omgaat, kun je het maar met een ding terugkopen: geld.

“Money doesn’t change anyone”

Veel van mijn overtuigingen zijn niet eens echt van mij. Het zijn van die dingen die ik mijn ouders, een oom, een tante, een oma heb horen zeggen over geld en me mede hebben gevormd. “Rijke mensen zijn oppervlakkig”. Niet waar. Ik las eens een interview met Johnny Depp, waarin hij zei: “Money doesn’t change anyone. It reveals them.” Was je een droeftoeter zonder geld, dan ben je met geld een droeftoeter met geld. Was je goed voor anderen toen je nog niks had, dan zul je goed zijn voor anderen als je veel hebt. Alleen dan op een manier waarop je nog meer kunt betekenen. Als ik eerlijk was, kon ik de zin “Rijke mensen zijn…” op heel andere manieren invullen dan het geprogrammeerde “oppervlakkig”. Vrijer om te kiezen. Financieel intelligent. Rijk. Autonoom. Vaker filantroop. Et cetera.

Ik ben het niet waard

De overtuiging dat het hebben van geld me oppervlakkig of zelfs slecht zou maken, zag ik achteromkijkend met grote regelmaat terug. Als het mijn kant op kwam, moest het zo snel mogelijk weer weg. Toen ik in 2006 voor mezelf begon, verdiende ik direct meer dan ik ooit had durven hopen. Ik raakte er een beetje van in paniek. Op een bepaald moment kreeg ik €25.000,- voor een klus. Vond ik belachelijk veel geld voor wat ik had gedaan. Twee dagen nadat het op mijn rekening stond, had ik voor €23.000,- een nieuwe auto gekocht. Impulsaankoopje. Het moest weg. Ik werkte hard, maar zodra ik het resultaat daarvan terugzag op mijn rekening, ging ik bijna dwangmatig uitgeven. Spontaan een week naar Cuba, dagcrèmes van bijna tweehonderd euro, het sloeg helemaal nergens op. Of eigenlijk wel. Want onder de “mensen met geld zijn oppervlakkig” lag nog een diepere overtuiging: “Ik ben het niet waard.” Zo lang ik die overtuiging in stand hield, zou mijn financiële situatie niet veranderen. En aangezien de financiële situatie waarin je je nu bevindt een optelsom is van alle keuzes die je tot nu toe hebt gemaakt, was het tijd om andere keuzes te maken. Want overtuigingen zijn lastig te veranderen. De manier om het te doen, is je gedrag veranderen. Ik moest dus helder hebben wat mijn overtuigingen waren. Me afvragen of ze me verder zouden helpen of juist niet. En de overtuigingen die me in de weg zaten veranderen door mijn gedrag te veranderen. Zodat ik stap voor stap “Ik ben het niet waard” kon transformeren naar “Ik ben waardevol”.

Alleen maar leuke dingen doen

En dan zijn er nog de overtuigingen die niet eens over geld gaan, maar wel impact hebben op je financiële situatie. Een voorbeeld: toen ik stopte met in loondienst werken en voor mezelf begon, werd mijn overtuiging: “Ik wil alleen nog leuke dingen doen.” Dat heeft me heel veel waardevolle herinneringen opgeleverd waar geen geld tegenop kan. Maar het heeft ook best veel beperkende gewoonten gebracht. Alles uitgeven wat ik had, investeren in dingen die alleen maar waarde verliezen, uitstelgedrag, conflicten vermijden, etc. Het effect op mijn leven was financiële instabiliteit, stress en dat mijn leven vaak oppervlakkig voelde. [Precies, dat waar ik voor vreesde als ik teveel geld zou hebben.] Maar ik had wel heel veel leuke dingen in mijn leven en hoefde niks met de dingen die ik beter zou kunnen veranderen.

Betere gewoontes

Ik besloot mezelf andere gewoontes aan te leren. Die niet gingen om korte termijn leuk, maar lange termijn waarde. Mijn rekeningen direct betalen, stoppen met uitstelgedrag, niet meer zinloos of automatisch geld uitgeven, verantwoordelijkheid nemen voor mijn eigen keuzes. De impact was enorm. Ik werd blijer, rustiger, voelde me minder schuldig, had meer tijd, was een beter voorbeeld voor mijn dochter, had meer geld en……er waren meer leuke dingen. En naarmate ik betere keuzes ging maken die zorgden voor betere gewoontes, verdwenen mijn saboterende overtuigingen en maakten ze plaats voor helpende overtuigingen. Nu geloof ik echt “Ik ben waardevol”. Al moet ik mezelf er wel regelmatig weer aan herinneren. Maar da’s okee. En deels was dit al voordat het Geldproject begon. Dus ik wist beter. Maar deed niet beter. Nu wel.

Dus. Nu jij. Ik wil minstens vijf antwoorden van je per vraag.

* Rijke mensen zijn …

* Waarom ben ik bang om rijk te zijn?

* Waarom wil ik financieel vrij zijn?

* Wat zijn mijn overtuigingen over geld?

* Waarom gaat financieel vrij zijn nooit lukken?

* Welke overtuigingen wil je houden?

* Welke overtuigingen wil je kwijt? Waar zou je ze door willen vervangen?

* Met welke saboterende gewoonten ga je dan stoppen?

* Welke helpende gewoonten ga je jezelf aanleren?

Ga maar doen dan. Succes!

 

7 tips voor sukkels

Ik schrijf over slimme dingen die ik vooral heb geleerd van mensen die al slimme dingen deden. Maar dat komt vóórt uit domme dingen die ik zelf deed en waarvan de meesten vinden dat je daar beter je mond over kunt houden. Hebben ze gelijk in. Hoe tof ook dat ik taboes kan helpen doorbreken, het is natuurlijk veel makkelijker om niet alles te zeggen. Want ik hèb me toch een potje stomme dingen gedaan. [Als ik het niet zo’n suffe uitspraak had gevonden of als ik ooit een hond brood had zien eten, had ik hier iets aan toegevoegd over dat zelfs de honden daar geen brood van lusten.] Hoezeer je dit hele proces ook kunt bekijken als een waardevolle queeste, deze sukkel doet nog steeds onvoorstelbaar stomme dingen. En die kun je op zich ook voor je houden.

Maar. Ik laat je graag zien dat het met jou allemaal nog wel meevalt vergeleken met mij. Ik doe dingen die domme mensen doen. Zoals dingen vermijden die ik stom vind. Onbewust, maar toch. Blauwe enveloppen bijvoorbeeld. Ik heb jaren gedacht dat ze wel weg gingen als je er heel even snel in gluurde en ze dan snel in een la gooide. Inmiddels had ik na zo’n 7 jaar ondernemerschap ook geleerd me niks aan te trekken van adviezen van administratiekantoren om voor de inkomstenbelasting zo veel en lang mogelijk uitstel aan te vragen. Helaas had ik dat pas door op het moment dat de Belastingdienst ook wel klaar was met al dat uitstel verlenen. Dat moment waarop je dan in een keer voor de vorige, huidige én volgende aangiften aangeslagen wordt.

Vooral vlak voor mijn verlof was ik nogal trots op mezelf. Ik had Moneybird helemaal up-to-date, mijn kwartaalaangifte zelfs te vroeg ingediend én betaald en ik had alles voor de inkomstenbelasting over 2016 –ik ben nog een beetje aan het inlopen- bij mijn accountant liggen. Jeuj. Dus ik ontspande.

Beetje teveel. Tijdens mijn verlof gluurde ik keurig een beetje in de blauwe enveloppen die af en toe op de mat vielen. Termijnbetalingen, niks aan de hand. Had ik automatische incasso’s voor ingesteld. Fijn dat ze me elke keer even lieten weten hoe ver ik was.

Toen stond er ineens iemand voor de deur die beslag kwam leggen. De vriendelijke overzichten waren eigenlijk geen overzichten. Het waren voorschotten die ik alvast moest betalen over 2018. Een fucking hoog bedrag ook. Want het ging inmiddels wel lekker.

Ik kon alles gelukkig betalen, maar ik vond mezelf wel een onwijze sukkel. En daar heb ik wel een punt. Aangezien ik van de open deuren het meest leerde, hierbij een paar belachelijk simpele tips:

  1. Maak je blauwe enveloppen direct open.
  2. Stel je aangiften inkomstenbelasting niet [te lang] uit. Reserveer hiervoor en voor je btw-aangiften geld zodra het binnenkomt. Zet dat op een aparte rekening.
  3. Doe elke week op een vast moment je administratie.
  4. Betaal inkoopfacturen en belastingaanslagen zo snel mogelijk.
  5. Als je een factuur krijgt die je niet direct kunt betalen, bel ze. De meeste crediteuren en zelfs de Belastingdienst belonen je direct voor je pro-activiteit. En meestal willen ze heus met je meedenken.
  6. Ben je ongeneeslijk sukkelig met administratie en financiën? Automatiseer het. Voor mij werkt Moneybird goed. Idiot-proof, zo ingericht dat je zowaar het idee hebt dat je het snapt en met een heel platform vol boekhoudtips en antwoorden op domme vragen.
  7. Boeien administratie en financiën je totaal niet? Dom dom dom. Want zonder dat heb je geen bedrijf, maar een hobby. Een dúre hobby als je niet oppast. Start of heb je een bedrijf met anderen? Beleg het bij iemand die het leuk vindt. Kun jij je niet voorstellen, want jij bent waarschijnlijk het type extravert en mensgericht. Maar sommigen zijn gereserveerd en taakgericht. Die gaan voor kwaliteit. Of extravert en taakgericht. Die krijgen dingen af. Ook handig, vooral als het gaat om blauwe enveloppen en andere nare post niet stiekem verstoppen in een laatje tot de deurbel gaat. [Ik had vroeger een vennoot die opgewonden raakte van blauwe enveloppen en van formulieren invullen. Ik mis haar nog steeds.] Ben je zzp’er? Besteed uit wat een ander beter kan en automatiseer zoveel als je kunt. Dat is niet lui, het is slim. En niet duur, maar levert geld op.

 

 

Het kortste boek ooit: “Ik was blut en vroeg iedereen tien euro.”

Jezus. Het is al anderhalf jaar geleden dat ik begon. Je zal wel denken: “Leuke marketingtruc.” Het geld is binnen, de zaken gaan goed. Wat zal ze doen? Zwijgen? Iedereen z’n tientje terugstorten? Zo’n lullig e-book mailen met 12 dooddoeners en een rechtenvrije stockfoto op de voorkant? Een vriend van me zei, toen ik net begon: “Wordt het niet een heel kort boek? ‘I was broke and people just gave me ten bucks’?” Dat wordt het niet, maar het lijkt er wel verdacht veel op. En het lullige is: ik heb geen excuus. Wel een uitleg. Nog steeds lullig, maar die ben ik je wel verschuldigd.

Ik ben nogal een sukkel

Wat er gebeurde: het ging te goed. Niet alleen omdat een paar honderd mensen meteen het boek kochten. Dat was sowieso te gek. Maar toen ik begon had ik natuurlijk geen reet te doen. Want het was middenin de zomer. Die maanden waarin slimme zzp’ers leven van passief inkomen. En gewone zzp’ers van de buffer die ze de rest van het jaar [behalve rond kerst dan] opbouwen omdat het supervoorspelbaar is dat er in de zomer geen geld binnenkomt. En maanden dus waarin ik niks had. Want ik ben nogal een sukkel. Die buffer was opgegaan aan de Belastingdienst die ineens na jaren alles in een keer wilde, een project bij een start-up op basis van mondelinge afspraken die niet zo solide bleken en –oh ja- dat ik mijn hart ging volgen [ik gaf net een beetje over in mijn mond] en ineens een missie had en dat geld niet meer belangrijk was omdat ik bezig was de wereld mooier te maken en dat karma er natuurlijk voor ging zorgen dat alles wat ik gaf ook weer bij me terug zou komen. Wat vast zo is, maar dan nog zit er geen terugbetalingstermijn bij en leg dat maar eens uit aan de Belastingdienst.

Als een malle.

Dus. Het was middenin de zomer, ik had geen reet te doen en dus alle tijd om heel hard te leren. Dus ik las me suf. Ik vergrootte mijn financiële intelligentie en mijn ondernemersvaardigheden en mijn algehele bewustzijn bij alles wat ik aan het doen was. Als een malle. En ik paste ook alles meteen toe. Als een malle. En toen begon de ellende: door het leren en toepassen ging ik ineens ook hard geld verdienen. En ging ik daar zelfs zo slim mee om dat ik er genoeg van overhield om er zelfs meer van te maken. In augustus had ik nul euro en in de eerste maand van 2017 had ik ineens meer dan in de laatste twee kwartalen van 2016 samen. [Nu moet ik wel toegeven dat 2016 zo slecht was dat ik nu ineens voor het eerst na tien jaar betalen geld terug krijg op mijn aangifte inkomstenbelasting. Inmiddels weet ik wel genoeg om daar keihard van te balen. Maar daarover later meer. In dat boek waar je al fucking lang op wacht.] Maar zelfs los daarvan was ik inmiddels verbazingwekkend goed geld aan het verdienen. [En dat was nog maar het minst belangrijke effect van het Geldproject. Maar ik dwaal af.]

Ik verloor de urgentie

Dus. Eerst had ik nog veel tijd en nul geld. En nu had ik veel geld en nul tijd. Ik werkte en werkte en werkte. En intussen bleef ik alles toepassen wat ik had geleerd. Zo veel en consequent, dat het nu gewoonten zijn die ik amper kan onderscheiden van mijn oudere gewoonten. En dan is het lastig opschrijven. Want hoewel ik een van de belangrijkste dingen die ik leerde nog steeds toepas, namelijk “zelfs als je geld hebt blijven leven als een armoedzaaier”, is de belangrijkste bron voor het boek vanaf dat moment als sneeuw voor de zon verdwenen. Namelijk: urgentie. Urgentie stuwt je naar creativiteit, naar actie, naar dingen radicaal anders doen. Het maakt alert. Je schakelt sneller. Je ziet in heel korte tijd heel veel resultaat. [Ik tenminste. Ik haat het als mensen doen alsof de ervaring van een persoon bepaalt wat de ervaring voor het geheel zou zijn.] Ik zag dus heel veel resultaat, op heel veel vlakken. Wat dan slim is om te doen is alles meteen opschrijven. Maar ik deed niet slim. Ik was hard aan het werk. [Wat overigens ook niet slim is, maar daarover later meer. In dat boek waar je al fucking lang op wacht.] Dus ik verloor de urgentie. En daarmee het momentum.

Save the drama fo’ yo’ mama

Dus. Toen kwam er nog een factor bij. Ik was inmiddels verliefd geworden. En nog geen jaar later waren mijn financiële intelligentie en mijn bankrekening zodanig gegroeid [nee, zelf, niet door die nieuwe liefde], dat ik het me kon veroorloven zwanger te worden. Wat best een ding is als je een zzp’er bent. Die een jaar daarvoor haar hele buffer er nog doorheen gejast had en nog geen maand had kunnen overleven zonder opdrachten. In maart 2017 was ik zwanger. En de eerste vijf maanden superziek. En amper in staat te werken. En dus amper in staat inkomen te genereren. Na vijf maanden was ik niet meer ziek. Maar precies op dat punt was de relatie ook over. [Iemand zei al: “Goh, kun je straks nóg een boek schrijven.”] Veel ingewikkelde dingen. En –oh joy- het was ook weer zomer. Net als aan het begin van het geldproject. De breuk kostte tranen en slaap en energie. En geld. Maar inmiddels wist ik dat ik het wel zou redden. Ook financieel. Ik wist dat mijn buffer groot genoeg was. Ik wist dat ik inmiddels genoeg waarde toekende aan de dingen die ik deed en dat ik dat er ook voor kreeg. Ik wist dat ik keihard kon werken, ook zwanger. Ook omdat ik inmiddels de luxe had om alleen nog dingen te doen die me meer energie opleverden dan kostten. Bovendien had ik inmiddels wel langetermijnrelaties met klanten opgebouwd, wat me de zekerheid gaf dat het werk na mijn verlof gewoon door zou lopen. Anderhalve week voor de uitgerekende datum ging ik met verlof. En ik had verwacht dat ik in de tweede helft het boek zou afronden. Aangezien baby’s altijd slapen en ik al twaalf jaar amper vakantie had gehad en dus vast gek zou worden van al die vrije tijd.

Nog slimmer, nog beter, nog meer

Dus. Zo ging het niet. Ik ging 12 weken volledig offline. En nu ben ik er weer. Beter dan ooit. Want inmiddels weet ik hoe kostbaar tijd is. [En in ‘Freakonomics’ las ik “two of the biggest predictors of a child’s future criminal behaviour are growing up in a single parent household and poverty”. Dus een snelle rekensom leert me dat mijn kinderen allebei gedoemd zijn te mislukken als ik nu ook nog eens weer arm word. Maar dat terzijde.] Ik sta inmiddels wel voor een nieuwe uitdaging: wat ik het afgelopen jaar fulltime deed, wil ik nu in drie dagen per week kunnen. Met meer resultaat. Dus ik ga nog slimmer, nog beter, nog sneller zijn. Nog meer leren, nog meer lezen, nog harder groeien, nog meer doen. En dat gaat ervoor zorgen dat je geen spijt krijgt van je tientje. Want de beste dingen die ik leerde en nog steeds leer komen in het boek. En ik ben heus hard bezig. Ik ben aan het schrijven, verzamelen, plannen, interviewen, binnenkort komt een bijzonder gesprek met Hans Kroeze [algemeen directeur van de Asito Diensten Groep] online en over een paar weken interview ik Femke Hogema, die “Financiën voor zzp’ers” schreef en “Profit First” van Mike Michalowicz naar Nederland haalde.

Dus. Ik scheep je niet af met een e-book. Ik stort niet je tientje terug. Ik zorg voor een goed boek. En sorry dat het zo lang duurt. [En als je wel je tientje terug wilt, roep je maar.]

[VIDEO] Ondernemerslessen van Marco Aarnink, #3

In dit derde en laatste deel van het interview hoor je Marco’s concrete tips voor zzp’ers.

En hij zegt gewoon eerlijk wat hij zelf verkeerd heeft gedaan of nu anders zou doen. Dat hij heel veel geluk heeft gehad met het moment waarop hij begon, waarom netwerken meestal helemaal niet opschiet en dat hij zich niet zo lang had moeten laten omringen door jaknikkers.

Ik sprak hem anderhalf uur en dat hele gesprek vind je terug in het boek. Het monteren was een hel, simpelweg omdat we niet konden kiezen. Daarom hebben we er 3 afleveringen van gemaakt.

Wil je meer weten of het boek vast bestellen? Leuk! Je vindt alles hier.